oktoberavond

nevels
sluipen over de velden
kruipen tussen mijn wielen
duwen hun donzige kilte
tegen mijn ruit

koele avond
wint terrein
het daglicht dooft

rijdend door dit schemeruur
waarin doden mij omringen
adem ik een zachte wolk
van droefheid
rond mijn hart

telkens weer afscheid
steeds minder vaak
een nieuw begin