zomermaanden
schrijden voort
op lome voeten
ongehaast

in droomzachte dagen
en wakkere nachten
fluistert de wind stil
een lied in mijn haar

uren bewegen
snel als gedachten
lichter dan grijs
sluipt juli voorbij

verdriet en vreugde
heb ik geparkeerd
in de achtertuin
van augustus

nog even heel even
de droomtijd verglijdt
want van dichtbij
wenkt september

en in de verte
wacht onbewogen
de donkere kilte
van winterse weemoed